Veel pubers worstelen met het aangaan van intieme relaties

Hanny de Groot, verpleegkundig consulent kinderinfectiologie en -immunologie Universitair Medisch Centrum Groningen

Adoptieouders vs. biologische ouders
Geadopteerde kinderen zijn vaak iets opener over hun hiv dan kinderen die met hiv zijn geboren en bij hun biologische ouders opgroeien. Bij deze ouders kunnen schaamte en schuldgevoel meespelen en die gevoelens kunnen worden overdragen op het kind. Dat speelt bij adoptieouders niet. Dat maakt het voor adoptieouders doorgaans makkelijker om met hun kind over hiv te praten.

Wel of niet adopteren?
Ik heb geregeld een gesprek met een adoptiepaar dat zich wil informeren over hoe het is om te leven met hiv. Op basis van onder andere dit gesprek besluit het stel of ze openstaat voor een adoptiekind met hiv. Het meest lastige is volgens mij de puberteit: veel tieners zijn een beetje ontworteld en gaan op zoek naar wie ze zijn en waar ze vandaan komen. Als je dan geadopteerd bent én hiv hebt, dan kan dat zwaar op je drukken.

Vertellen over hiv?
Een andere zaak waar veel pubers mee worstelen is het aangaan van intieme relaties en op welk moment ze een ander over hun hiv vertellen. Vertel je het meteen? Of wacht je een tijdje en vertel je het dan met de kans dat iemand zich verraden voelt? Of vertel je het misschien helemaal niet, omdat de kans dat je in je puberteit de liefde van je leven vindt wel erg klein is? Dit zijn lastige zaken waar geen pasklaar antwoord voor is. Wat voor iemand de beste manier is, daarover ga ik met de jongeren in gesprek. Verder geef ik hun assertiviteitstraining, zodat ze stevig in hun schoenen staan.

Seksuele voorlichting
Het moment om over puberteit en seksuele voorlichting te beginnen verschilt per kind. Het ene kind zit al vol in de puberteit als het elf jaar is. De ander is veertien en is nog helemaal niet aan deze informatie toe. Ik zie de kinderen elke drie maanden, dus als het moment daar is om over seksualiteit te beginnen, dan merk ik dat snel genoeg.

Veilige seks
We hameren continu op veilige seks. Ook al gebruiken de jongeren medicijnen waardoor ze het virus hoogstwaarschijnlijk niet kunnen doorgeven. Daarnaast zijn er natuurlijk nog andere soa’s die je als jongere kunt oplopen of doorgeven. Mijn tas zit altijd vol met condooms en ik heb ook altijd de oefenpenis bij me.

Praten over hiv
Open zijn over hiv is een van de vele dingen die ik met de jongeren bespreek. In de wereld van nu verspreidt informatie zich via de sociale media vaak veel sneller dan vroeger. Heb je het eenmaal gedeeld, dan kun je het niet meer terughalen. Aan de andere kant is het heerlijk als je met iemand kunt bespreken dat je hiv positief bent. Of en wanneer iemand zijn positieve status deelt, is aan diegene.

 

 

NL/HIV/0021/17(1), november 2017